Dr. Arne Ballet · cardioloog

In het ziekenhuis · Hartritme

Ablatie van voorkamerflutter en supraventriculaire tachycardie

Bij voorkamerflutter en bij de meeste supraventriculaire tachycardieën (SVT) draait de elektrische prikkel rond in een vast circuit, of loopt hij via een extra baan. Met een ablatie onderbreken we precies dat stukje geleidend weefsel. Voor deze ritmestoornissen is een ablatie vaak een definitieve oplossing.

Bekijk het in 3D
Waar
Elektrofysiologielabo (EP-labo)
Duur
1 tot 2 uur
Verdoving
Plaatselijk, meestal lichte sedatie
Toegang
Ader in de lies
Opname
Dagziekenhuis, soms één nacht
Slaagkans
Doorgaans meer dan 90 %

Welke ritmestoornissen?

Volgens de Europese richtlijnen is een ablatie de aanbevolen behandeling bij herhaalde, klachtgevende AVNRT, bij klachten door een extra geleidingsbaan en bij herhaalde typische flutter.

Voorbereiding

Zoals bij een elektrofysiologisch onderzoek. Is er op het moment van de ingreep flutter, dan gelden dezelfde regels voor bloedverdunners als bij een cardioversie: minstens drie weken ononderbroken antistolling, of een slokdarmecho vooraf.

Hoe verloopt het?

Eerst bevestigen we met een EFO het mechanisme. Daarna wordt het juiste stukje weefsel verhit (radiofrequentie) of soms bevroren (cryo, vooral dicht bij de AV-knoop). Tijdens het verhitten kunt u een warm of branderig gevoel in de borst hebben. Op het einde controleren we dat het circuit blijvend onderbroken is: bij flutter een blok in beide richtingen over de lijn, bij SVT dat de ritmestoornis niet meer op te wekken is.

Na de ingreep

Zoals na een EFO: enkele uren plat, meestal dezelfde dag of de volgende dag naar huis en een week geen zware inspanning. De eerste weken kunt u nog extra slagen voelen; die zijn meestal onschuldig.

Risico's

Veelgestelde vragen

Moet ik na een geslaagde ablatie nog medicatie nemen?

Voor SVT meestal niet. Na flutter beslissen we over bloedverdunners op basis van uw risico op een beroerte, omdat later voorkamerfibrillatie kan optreden.

Kan de ritmestoornis terugkomen?

Bij flutter, AVNRT en extra banen is dat zelden, minder dan 1 op 10. Een tweede ablatie is dan meestal eenvoudig.

Waarom niet gewoon medicatie?

Medicatie onderdrukt de aanvallen maar geneest ze niet, en moet levenslang genomen worden. Een ablatie biedt bij deze ritmestoornissen meestal een definitieve oplossing.

Bronnen

  1. Brugada J, et al. 2019 ESC Guidelines for the management of patients with supraventricular tachycardia. Eur Heart J 2020;41:655–720.
  2. Van Gelder IC, et al. 2024 ESC Guidelines for the management of atrial fibrillation (antistolling bij flutter). Eur Heart J 2024;45:3314–3414.

Geschreven en nagelezen door dr. Arne Ballet, arts-specialist in de cardiologie · bijgewerkt op 29 oktober 2026. Cijfers zijn ordegroottes uit richtlijnen en grote studies; uw persoonlijke risico bespreken we samen. Deze informatie vervangt geen persoonlijk medisch advies.